Traag

september 30, 2008

Je kunt blijkbaar voetbalstanden op je gsm laten doorsturen. Als je je daarvoor abonneert.
Je kunt op gelijk welk moment elk tv-programma opnieuw bekijken. Met abonnement.
Je kunt eigenlijk alles nu sebiet en onmiddellijk.

Ik vind dat maar raar, die gedachte. Ik vind wachten op iets, zij het nu een programma op tv, een nieuwe schort (waar ik nog altijd aan aan het werken ben, volgende week wordt ze hier verloot, btw), het weer, een nieuw paar schoentjes voor de kleinste, altijd fijn.
Ik vind gedachten naar soms veel leuker dan gelijk wat.

Ik vind zelfs wachten op inspiratie om hier te schrijven, het schoonste dat er is.
Nè.

Advertenties

Weg.

september 27, 2008

Nu ze één jaar geworden is, onze mie, moet dat dringend gevierd worden. Liefst met een hele hoop familie erbij. Ewel sie, dat gaan we doen vandaag. En volgende week nog een keer opnieuw, met een ander stuk van de familie.
We hebben zelfs een logeetje van een jaar of acht mee.

Allemaal hup naar de Westhoek vandaag. En eens stoppen in de Decathlon in Kortrijk, voor een fietshelmpje én -stoeltje. Want dat wordt echt noodzakelijk.

Joepie. Feestje. Joepie. Gaan koekeloeren naar het petekindje. Joepie – jij.

Een goed weekend, trouwens.

Mevrouw Doornaert van de Standaard.
Je hebt me een beetje teleurgesteld in Volt.

Ik heb het erg voor dialecten, net als ik het erg heb voor de Nederlandse taal.
Net daarom vind ik de cursus dialect in Brugge zo’n vreemd, maar geweldig initiatief. Het is bedoeld voor allochtonen die al een behoorlijke basis Nederlands verworven hebben. Het is bovendien geen verplichting. De cursus is er op vraag van de allochtonen.
Een vraag die ik begrijp, waar ik begrip voor heb.

Want er is niks minder desintegrerend dan de plaatselijke taal niet spreken, laat staan begrijpen. Het gaat niet om de Belgen die geen echt dialect spreken, nee hoor, het gaat om mensen met een andere moedertaal, die nu net een tweede (of derde) taal verworven hebben. Om dan tot het besef te komen dat de taal die de mensen er spreken, er mijlvenver van af ligt.

Ik heb een vriend die bij een overheidsinstelling cursussen geeft aan stellingbouwers-in-spe. Ewel, die mensen hebben baat bij wat dialect. Want zeg nu zelf ‘Drei kier twei’: begrijpt u dat?
Ik ben het volledig eens met de schepen als hij zegt dat bejaardenverzorgers/verplegers/mensen die vaak in aanraking komen met de oudste laag van de bevolking, gebaat zijn met wat plaatselijke taal.
Gelijk die meneer uit Bolivia zei: ‘Het dialect, dat is voor mij de kers op de taart.’

Uw elitair gekwekkel – weliswaar in een beschaafde taal – heeft mij veel minder overtuigd dan de realistische kijk van de schepen van Brugge.

Misschien hebt u net het boek van Dimitri Verhulst gelezen, waarin staat: ‘God spreekt immers niet in de taal van het volk. Misschien kakalet hij, want zalig zijn aldus de kiekens…Maar om zomaar tegen zijn eigen spiegelbeeld gewone boerenkosttaal te spreken is zijne perfectie uiteraard veel te verfijnd.’

Misschien moet u dringend eens weg van de perfectie van de taal.

Slaap

september 23, 2008

Ik heb de laatste tijd nogal wat slaap gemist.
Eerst door de verschrikkelijke migraine-aanvallen, dan door een ontsteking op een getrokken tand.
Vannacht sliep ik voor het eerst meer dan vier uur aan een stuk. ‘k Moet zeggen, dat doet deugd.

Mijn nichtje heeft een babytje dat graag weer wakker wordt ’s nachts. Zo tussen elf en zeven ziet zij waarschijnlijk meer de trappen dan haar bed. Of zoiets.

Mijn mama slaapt al jaren gigantisch slecht: ze wordt na één uur wakker, en ligt wakker tot de ochtend komt.

Marleen vertelt me soms van nachten die korter zijn dan haar lief zijn.

E gaat waarschijnlijk naar bed voor korte nachten, tussen middernacht en zes. Want veel kinderen klaarstomen, dat is een karwei. Zowel voor als na het slapen.

Veel mensen lijden aan één of ander slaaptekort, hebben een slaapprobleem of zijn veel te veel moe.

En ik slaap nochtans zo graag. Op normale avonden zit ik er voor half tien in, en ik slaap zeker tot zes uur. Ik kom veel wakker, maar slaap meestal sebiet weer in. Zoveel slaap doet mij, mijn lichaam en mijn hoofd enorm veel deugd.

Ik vermoed dat ons heftig bestaan ons dwingt tot te weinig slaap, en ik denk dat dat helemaal niet om van de daken te schreeuwen is. Want een lichaam moet nu eenmaal recuperen.

Als we allemaal zo blijven hotsen en totsen, dan denk ik dat we daar nog spijt van zullen hebben.

Ik ga alvast voor een massale winterslaap: een dons, een boek en liters thee.
Wie doet er mee?

Meter80

september 22, 2008

Omdat ik haar veel te weinig bel (ze is een beetje doof)
Omdat ik haar veel te weinig zie (ze woont te ver)
Omdat ik al-tijd verjaardagen vergeet, maar de hare één van de belangrijkste in mijn persoonlijke leven vind.
Omdat ze één van mijn twee meest fantastische grootmoeders is.
Een warme, gezonde en fijne verjaardag, meter!

(de kale baby op de achtergrond, dat ben ik. de bril en het tijdschrift zijn de vaste attributen van mijn grootmoeder. de schone kast behoort haar toe. aan huguette: dit is niet de grootmoeder van het bos. je hebt die nog te goed 🙂

Kassa 4.

september 22, 2008

Ik weet niet zeker of het café écht zo noemt, maar het ligt ergens op een marktje, niet zo ver van de Graanmarkt in Antwerpen. Het plein is recent heraangelegd, maar ik vergeet de naam.

Elke avond passeer ik er als ik in opleiding in ben. En het ziet er een beetje keigezellig uit, daar op dat terras. Als ik de volgende keer – met of zonder opzet – de trein naar Gent mis, dan nestel ik me daar.

Reklam

september 21, 2008

‘Hebt u geen kaartje?’

Soms stellen mensen mij die vraag.
Of ik geen kaartje heb? Waarom zou ik in godsnaam een kaartje moeten maken?

Om te vermelden dat ik uren aan de telefoon hang met mijn mama, dat ik mezelf een gat in de nacht lees, of dat ik Jan hoofdpijn bezorg met mijn gebabbel? Zodat mensen weten waar ik woon, hoeveel kinderen ik heb, wat ik voor werk doe. Voor die zaken dan?
Mensen die mij kennen, weten dat allemaal. Zij die mij niet kennen, gaat het trouwens niks aan.

‘Gewoon,’ zei iemand nuchter, ‘omdat ik nu geen tijd heb om je te bellen of te mailen, maar dat in de toekomst wél heel graag zou willen doen. Misschien denk ik binnen een maand aan jou terug, en wil ik écht eens met je praten. Het zou jammer zijn als dat dan niet kon.’
Voorlopg niet overtuigd, maar ik vind het antwoord heel eerlijk en grappig tegelijk.

Soms krijg ik ook kaartjes in mijn handen gestopt, wat ik véél gezelliger en leuker vind. Van mensen die ik fijn vind, die me iets nieuws leren kennen.

2 keer deze week.

Via mijn collega, die een handtassenmaakster in de famillie heeft. Hanne Beutels.
Van de vrouw van een collega van Jan, die rond kleur en stijl werkt. Ze heeft een intrigrerend karakter en ik vond ons gesprek enorm verrijkend. Annick Aerts.

Ga maar eens langs, piep maar eens binnen.
Mensen die hun ziel in hun werk stoppen, zijn altijd schoon.

Messen mogen nooit in het afwaswater. In de horeca is dat een gouden regel.
Ik heb er ooit mijn voeten aan geveegd, toen ik 15 was, en zeer erg onbezonnen.
Ik had gelukkig een chef die zich zo kwaad heeft gemaakt dat de pannen en potten trilden. Ik ben het nooit meer vergeten, trouwens. Ik raad het bovendien aan iedereen aan.

Zo ook aan Jan.
‘Schatje, je mag geen messen in het water leggen. Echt niet, veel te gevaarlijk.’

Jan neemt goede raad nooit zomaar aan. Ook niet als het om bloed en vingers gaat.

Ik leg hem uit dat messen in het water een gevaar kunnen betekenen voor degene die na jou zijn handen in het water stopt, nietsvermoedend.
Hij knikt, maar lijkt niet overtuigd.
(Hij zegt dat hij zijn messen altijd rechts onder legt, met het lemmet naar beneden.)

Ik probeer het anders.
‘Messen worden trouwens bot als je ze in heel warm water legt.’

Het pakt niet. Het pakt niet, het pakt niet. Dat van die messen die gevaarlijk zijn, dat kan hij nog snappen. Dat van het botter worden van de messen ook, maar bon. Er bestaat een formule van druk en kracht en hoe groter het oppervlak…
In géén tijd tovert hij formules op ons boodschappenbord in de keuken, terwijl ik aan het afwassen ben. Ik snap dat niet vlug, die dingen. Ik sputter tegen, ik zeg dat het mij niet echt interesseert, maar daar heeft hij geen nu eventjes geen oor naar.
Hij haalt er duimspijkers bij, ter illustratie, en hamers ook.

En uiteindelijk legt hij zijn messen, net zoals altijd, onderaan rechts, met het lemmet naar beneden.
En u, houdt u uw messen uit het afwaswater?

Terug

september 20, 2008

Mijn hoofd doet enkel nog zeer als ik terugdenk aan vorige week.
Mijn hele lichaam trouwens.
Ongelooflijk hoeveel pijn sommige mensen hebben, en hoe vlug je je eigen pijngrens verlegt.

Maar bon, ik ben terug. Ik bak alweer taarten zoals van te voren. Ik kan alweer lachen en onnozel doen.

‘Eindelijk, mama,’ zei Anouk. Ze heeft overschot van gelijk.

Welkom!

Venijn

september 15, 2008

Ze is langs de achterdeur terug naar binnen gekropen.
Met nog meer aanvallen in petto.

Ik droom van viskoppen die tegen me praten, van lijven die van hoofden worden gerukt, van wezens met twee monden. Ik zie mijn mama zonder armen, mijn lief zonder hoofd. Ik voel de hoogste pijn iets minder, dankzij de pijnstiller die mijn hele lichaam overhoop gooit. Ik ben drie kilo magerder dan woensdag en mijn hoofd zit vol venijn.