Noem mij maar Flop!

mei 21, 2008

Noem mij maar Flop.

Ragfijn zal ik u vertellen wat er in dat boek gebeurt. Vol diepgang zal ik de personages ontleden, bespreken en beoordelen. Ik haal er de mooiste zinnen uit, pik de diepste gedachten mee, onderstreep wat ik mooi vind, neem over waar ik van hou.

En toch.
Toch zult u het waarschijnlijk niet met me eens zijn. Het boek staat in mijn persoonlijke top twintig. Niet zo erg vanwege de stijl, nog minder omwille van de verhaallijn, maar enkel omdat het boek me naar de keel gegrepen heeft.

Het verscheen in 1982, toen ik 2 was. Enkele jaren later, naar ik weet in het jaar 1988, las ik het. Ergens in de zomer. Ver weg van mama, bij papa thuis. Ik zat verscholen achter een struik want de anderen waren aan het spelen. Zoals altijd. En ik zat te lezen. Zoals meestal. Ik las, hernam een stuk, las verder, las uit. En herbegon. Het boek bleef branden in mijn hoofd.

Vorige week, in de grote boekenopruimbeurt, had ik het opnieuw in mijn handen. Het rook naar toen, en het branden in mijn hoofd bleef.

En tot op vandaag weet ik niet zo duidelijk waar dat branden vandaan komt. Nog.Altijd.Niet.

(En het koppel boekenopruimen en ik: dat wordt nooit wat. Ik heb de laatste week zowat mijn jeugd herlezen. Maar opruimen? Rangschikken? Vergeet het maar.)

Advertenties

Uil plus Leeuwerik

november 30, 2007

Gisteren het boekje ‘Uil plus Leeuwerik’ cadeau gekregen voor Clarisse.
Geschreven door Ianca Fleerackers.
Ze is er nu nog wat klein voor, maar wij hebben hier een ander leesmonster in huis dat er wel groot genoeg voor is. En ik test alle kinderliteratuur eerst op Anouk. Ik lees voor, laat haar lezen, doe maar, en dan zie en hoor en voel ik hoe ze reageert.
Meestal delen we elkaars mening, een enkele keer niet. Bij Gerda Dendooven, die ik grafisch wel sterk vind, bijvoorbeeld. Anouk vindt er niks aan, echt niet. Zelfs inhoudelijk kunnen de boeken haar niet boeien. Maar ik blijf ze aanreiken, om de verscheidenheid groot te houden. Smaken evolueren, u weet wel. Referentiekaders zijn nodig om een goede smaak te ontwikkelen, het kan niet anders.

Gisteren voorleestijd. We doen het vaak samen: zij een blaadje, dan ik, zij wat regels, ik de moeilijke woorden. Dat werkt, en dan vooral bij meer toegankelijke verhalen (denkt aan Geronimo Stilton, Marc De Bel).
Soms werkt het niet, wanneer de inhoud van die strekking is dat men wat meer tijd nodig heeft die te laten bezinken (denkt aan Kikker, en aan verhalen van Paul Verrept). Als ik Anouk bij dergelijke boeken zelf laat lezen, primeert het leestechnische, en gaat een zeer groot (belangrijk) inhoudelijk deel verloren.
Zo ook bij Uil plus Leeuwerik. Een mini-verhaaltje, treffend geïllustreerd door Sebastiaan Van Doninck.
Een klein verhaal over boezemvrienden en hun moeilijkheden. Het lijkt mij echt, meestal zelfs zeer mooi verwoord, in een sobere stijl. Ik schrik van Sebastiaan Van Doninck, want ik ken hem niet, maar hou wel van zijn illustraties (ik wil nog van dat).
Anouk luistert, vraagt, geeft aanwijzingen en denkt volgens mij heel veel na. Haar mening komt later, dat weet ik ondertussen wel. Wat haar wel bijblijft, is het volgende: ‘Dit verhaaltje loopt niet goed af, mama. Jammer. Maar niet alle verhalen kunnen goed aflopen hé.’
Wat ze er verder van vindt, vertelt ze mij (of haar vriendinnen) later wel.

Voor mij is het geslaagd, ik kijk uit naar vanavond, want dan lezen we ‘Zwaan’, dezelfde auteur en illustrator.
Vervolgboekje.
Ook cadeau gekregen.

Wij hebben veel geluk met onze vrienden, wij.

Het eerste babyboekje

november 9, 2007

Clarisse heeft haar eigen eerste boek.  Het is zo’n stoffen boek uit de Hema, vol kleurtjes en poppetjes. Grote zus heeft het gekozen, en ook betaald. Geschenkje, zei ze, dat zal ik met mijn eigen centjes betalen. Het is niet alleen lief, het is ook fantastisch. Want grote zus slaagt er niet alleen in de diertjes tot leven te wekken, ze maakt er haar zus ook mee aan het lachen. En stiekem bewonder ik haar: ze geeft haar zus van bij het prille begin een positieve boek-ervaring mee. Beter kan ik het niet.